Home Locomotie 30 Kaping naam Leefbaar
Kaping naam Leefbaar | Afdrukken |  E-mailadres
Locomotie 30
vrijdag, 15 juni 2007 00:28
Kaping naam Leefbaar

door Hans Ramaer

Mijn lokale partij is bijna 25 jaar terug ontstaan toen Rotterdam zijn stadsdelen gedeeltelijk verzelfstandigde en er verkiezingen voor de bijbehorende deelgemeenteraden werden ingevoerd. De partij keerde zich vooral tegen de oprukkende verdichting en verstedelijking en zette zich in voor het behoud van het groene karakter van onze wijken. Centraal stond dus de leefomgeving in materiele zin zoals dat in die tijd op veel plekken in Nederland speelde.

Die strijd tegen meer asfalt en beton en de aantasting van het landschap, evenals het verbeteren van de kwaliteit van natuur en milieu verkregen in een wat later stadium het politieke etiket “groen”. Een kwart eeuw terug was “leefbaar” de meer gangbare benaming en zo noemde we ons dus Leefbare Wijk.

Dit soort lokale leefbaar-partijen waren vaak netwerkpartijen omdat ze meestal waren voortgekomen uit buurtgroepen of bewonersorganisaties. Hun politieke kleur kon verschillen: van centrumlinks tot centrumrechts, afhankelijk van de dominante politieke partijen waartegen ze zich keerden. Maar het waren en zijn nog altijd typische middenpartijen die primair de problematiek van ruimtelijke ordening en buitenruimte op de politieke agenda zetten.

In de jaren negentig vond een opbloei van het begrip leefbaar plaats. Leefbaar Hilversum en Leefbaar Utrecht kwamen op vanuit het niets en waren al snel aansprekende lokale partijen. Ze legden de basis voor een landelijke politieke partij: Leefbaar Nederland. Tegelijkertijd ontstonden weer nieuwe lokale leefbaar-partijen en dit politieke etiket deed nu ook op provinciaal niveau zijn entree.

Dat de connotatie van het begrip leefbaar niet meer hetzelfde is als decennia eerder is vanzelfsprekend. De samenleving veranderde immers enorm. Het begrip leefbaar staat nog steeds voor een optimale leefomgeving, maar aan de ruimtelijke en groene kwaliteiten is sindsdien ook een sociale dimensie toegevoegd, te weten de veiligheid van buurten en wijken of beter gezegd: de veiligheidsbeleving van de burgers. Daarom mag de conclusie luiden dat leefbaar inmiddels een algemeen aanvaard politiek begrip is dat gekoppeld is aan gematigde centrumpartijen.

Hier zou het verhaal kunnen eindigen als de extreemrechtse partij Vlaams Belang niet op het idee was gekomen om het begrip leefbaar te kapen. Zoals bekend heeft deze ultranationalistische en xenofobe partij zich na haar naamsverandering van Vlaams Blok in Vlaams Belang een vriendelijker imago aangemeten. De slogan Eigen Volk Eerst is nu verruild voor Leefbaar Vlaanderen. Gezien alles waar Vlaams Belang voor staat is de kans groot dat het begrip leefbaar de connotatie krijgt van “uitsluiting”. Vlaams Belang keert zich immers tegen allochtonen, met name islamitische migranten, verzet zich tegen gelijkberechtiging van deze groepen burgers en ziet hen het liefst verdwijnen. Dan zou Vlaanderen kennelijk weer leefbaar zijn!

Als gevolg van deze kaping dreigt leefbaar een besmet begrip te worden. Want niemand zal graag een benaming gebruiken die extreemrechts zich heeft toegeëigend en ideologisch heeft geperverteerd. Leefbaar Utrecht heeft al laten weten zijn naam te zullen veranderen en in onze kleine wijkpartij staat zo’n wijziging op de agenda. En ondanks alle kosten die zo’n naamsverandering met zich brengt zullen vele andere leefbaar-partijen dit zonder twijfel overwegen.

Het is vanzelfsprekend frustrerend dat een politieke aanduiding gekaapt wordt. Juridisch valt hier niets aan te doen. De Kiesraad is steeds terughoudender en zal alleen ingrijpen indien er een Partij van de Arbeiders (PvdA) of een Volksunie voor Vrijheid en Democratie (VVD) aan verkiezingen wil meedoen. Er wordt vanuit gegaan dat, uitzonderlijke gevallen (zoals hiervoor geschetst) daargelaten, de kiezer voldoende weet heeft van wat er op de politieke markt te koop wordt aangeboden. Maar is dat het geval?

Een schrale troost is hooguit dat het kapen van een politieke aanduiding geen nieuw fenomeen is. Een kleine eeuw geleden waren het Lenin en zijn politieke vrienden die als communisten bekendheid kregen. Ook buiten Sovjet Rusland gebruikten hun geestverwanten die naam. Dit tot verdriet van allerlei vredelievende tolstojanen en andere utopisten die zich eerder communisten noemden. Veel ingrijpender echter was wat in de jaren twintig in Duitsland gebeurde. De na de Eerste Wereldoorlog ontstane ultranationalistische en gewelddadige beweging rond Hitler noemde zich uitdagend nationaal-socialisten waardoor de inhoud van het begrip socialisme uitgehold dreigde te worden. Het verschil met het democratische socialisme dat zich in de meeste Europese landen tot een belangrijke politieke factor ontwikkelde was na verloop van tijd wel duidelijk, niettemin is dit soort politieke kaping uiterst onaangenaam. Zeker als zo’n kaping niet beperkt blijft tot een benaming maar ook andere identiteitsbepalende kenmerken, zoals het vieren van de eerste mei als Dag van de Arbeid, omvat. Niet zo lang geleden hadden we in Nederland nog de extreem-rechtse Centrum Democraten die zich allesbehalve als een gematigde middenpartij manifesteerden.

Kortom, het kapen van een politieke aanduiding blijft dus in de regel ongestraft. Of zou het feit dat de electorale opmars van Vlaams Belang nu toch begint te haperen de uitzondering op die regel zijn?

Laatst aangepast op vrijdag, 15 juni 2007 00:28