Home Locomotie 33 Straks: in alle Staten
Straks: in alle Staten | Afdrukken |  E-mailadres
Locomotie 33
maandag, 03 december 2007 13:20

Straks: in alle Staten

In alle Staten zijn de OSF-partijen nog niet, maar in de meeste provincies kunnen zij zich toch (opnieuw) vier jaar bewijzen. Locomotie peilde hoe voor deze partijen het politieke klimaat is, hoe is hun verhouding tot andere partijen in de Staten en hoe zien zij de ontwikkeling van de OSF?

Partij Nieuw Limburg

In de coalitie

Even was de PNL teleurgesteld over de verkiezingsuitslag: een terugval van twee zetels naar één. Toch zijn er ook positieve kanten. Het aantal stemmen bleef gelijk, het was de verhoging van de kiesdrempel die de partij parten speelde. “We hebben dus een vast kiezerspotentieel”, zegt fractievoorzitter Piet Franssen.

Voor het eerst in haar bestaan is de PNL toegetreden tot de coalitie. De partij heeft geen eigen gedeputeerde, maar wel een herkenbare invloed op het collegeprogramma. Franssen: “Ik kan ronduit zeggen dat de verhoudingen met coalitiepartners CDA en PvdA uitstekend zijn. Mede daardoor kunnen we onze kiezers, die vaak betrokken zijn bij de lokale politiek in hun gemeente, een stem geven op provinciaal niveau. Het is een tweezijdig proces, want we worden natuurlijk ook heel vaak gevoed vanuit de lokale gemeenschap. Zo waren er onlangs problemen met een stortplaats in de buurt van Venlo, wij kregen dat signaal via e-mails en telefoontjes van burgers. Vervolgens heb ik contact gezocht met de betreffende gedeputeerde. Wat leeft onder de bevolking en bij lokale partijen, vertalen wij naar de provincie.”

Cultuur en toerisme
De komende vier jaar zijn natuur, landschap en leefbaarbaarheid belangrijke items voor de PNL. Franssen: “Wij hebben gezorgd dat de leefbaarheid van kleine kernen en het bewaken van de ecologische hoofdstructuur in het coalitieakkoord zijn opgenomen. In de kleine kernen komt nu subsidie voor gemeenschapshuizen, zodat bijvoorbeeld de verpaupering van voormalige mijnwerkerssteden wordt tegengegaan. Daarnaast komt extra geld vrij voor agrarisch natuurbeheer en voor een voortvarende inrichting van natuurterreinen. En we willen dat monumentale gebouwen, zoals kastelen, kerken, boerderijen, worden behouden. Dat is van groot belang voor de cultuur en het toerisme.”
PNL wil een positieve, constructieve, maar tegelijk ook kritische rol binnen de coalitie spelen, in het belang van de lokale politiek in Limburg. Fransen “Net zo belangrijk als de contacten op lokaal niveau, zijn die binnen de OSF. Daarom zullen we deze contacten zullen de komende vier jaar ook weer nauwgezet onderhouden, onder meer door bijeenkomsten te bezoeken.” (RV)


Mooi Utrecht: nieuwe loot aan de stam, maar met groeipijn


Een nieuwe partij deed dit jaar aan de verkiezingen mee en kwam meteen in de Staten: Mooi Utrecht, een platform van twaalf lokale partijen. De partij wil zich inzetten voor het behoud van landschappelijke waarden en voor een vitaal platteland. Kwaliteit gaat daarbij voor kwantiteit, kleinschaligheid wordt gekoesterd.
‘Groen’ zien zij als een thema voor de OSF-partijen, want de aantasting van de ruimte speelt in alle provincies. ‘Mooi Utrecht’ is dan ook een gouden naam. Doordat steeds meer mensen zich in Utrecht vestigen, komen de ruimtelijke waarden in deze provincie zwaar onder druk te staan. Een partij die bescherming van het landschap als speerpunt heeft, heeft de toekomst en dat blijkt dan ook uit de vliegende start.

Maar na een vliegende start kun je struikelen. De lokale partijen die bij Mooi Utrecht aangesloten zijn, voelden zich bekocht toen bleek dat Tinus Snyders, (lijsttrekker en enig Statenlid) bij de verkiezing van de Eerste Kamer op de Partij van de Dieren had gestemd. Het grote merendeel van de leden kon zich daar niet in vinden. Niet iedereen in de achterban heeft affiniteit met de PvdD en bovendien was afgesproken dat de stem van Mooi Utrecht naar Hendrik ten Hoeve zou gaan. Op het moment van schrijven probeert men om op een constructieve manier uit het ontstane conflict te geraken.
Omdat er niet op een OSF-kandidaat is gestemd, kan MU niet meedoen in het samenwerkingsverband en geen subsidies ontvangen. Dat laten de regels niet toe. Daardoor loopt de partij zo’n 11.000 euro per jaar mis, maar zij ontvangt wel de ondersteuning die andere aspirant-leden ook krijgen. Het streven is om een goede relatie te onderhouden met de OSF en wellicht over vier jaar toe te treden. (HS)


Partij voor Zeeland
‘Meer jongeren in de Staten’


In Zeeland hebben de coalitiepartijen 21 van de 41 zetels. Het gezelschap van CDA, CU en SGP had er samen 39, waarna GroenLinks aanschoof. “Door deze nipte meerderheid is het bij iedere stemming spannend”, zegt Johan Robesin, fractievoorzitter van de Partij voor Zeeland.

De PvZ heeft twee zetels in PS, met naast Robesin fractielid Jean Paul Hageman, die nu aan zijn vierde termijn als Statenlid is begonnen. “Met de steunfractie van meer dan tien personen, vormen we een sterk team. Oppositie voeren doen we niet om GS onderuit te halen, maar om te zorgen dat gebeurt wat Zeeland nodig heeft. Wij zijn bijvoorbeeld tegen schaalvergroting in de zorg en daarbij hebben we de CDA-fractie op onze lijn gekregen. We vinden ook dat Westerscheldetunnel gratis moet zijn, zoals iedere oeververbinding in Nederland. In elk geval mag de tol niet verhoogd worden en ik vermoed dat we ook daarin onze zin zullen krijgen.”

Zorghotels
De komende vier jaar streeft Robesin naar een goed jeugdbeleid. “De wachtlijsten in de jeugdzorg moeten weggewerkt worden en er moeten in de provincie betere opleidingstrajecten komen. Als jongeren hun opleiding alleen buiten de provincie kunnen voortzetten, heb je kans dat we ze niet meer terugzien. De economie moet daar ook banen voor leveren en dat sluit mooi aan bij het ouderenbeleid: in deze provincie is het goed toeven, ook voor ouderen. Als er voor hen zorghotels worden ingericht, komen ouderen uit het hele land hier hun oude dag doorbrengen. Dat levert veel jongeren dan weer een werkplek op. En het moet afgelopen zijn met het doodknuffelen van de natuur. Het is toch belachelijk dat akkers en weilanden plaats moeten maken voor natuurgebieden, die niet eens toegankelijk zijn voor het publiek?”

Robesin is tevreden over de samenwerking binnen de OSF. “Ik zie wel twee verbeterpunten. We moeten meer kennis uitwisselen, bijvoorbeeld over de vraag hoe we jongeren bij de provinciale politiek kunnen betrekken, anders zitten er straks alleen maar grijsaards in de Staten. En we moeten beter samenwerken met lokale partijen. Niet alleen voor uitwisseling van kennis en bundeling van krachten, we verkrijgen daarmee ook een betere ingang bij het ambtelijk apparaat van de betreffende gemeentes. Aan de andere kant bezorgen we die lokale partijen contacten bij de provincie.” (RV)


Brabantse partij steeds beter geworteld


De Brabantse Partij behield bij de verkiezingen haar zetel in de Staten. Statenlid Aloysia Jetten vertelt: “We hebben een goede basis in Brabant; de mensen uit onze achterban zijn nog steeds enthousiast. Ik krijg ook nu na de verkiezingen brieven en mailtjes van kiezers. De individuele Brabander gaat zich steeds meer herkennen in de Brabantse identiteit. Regio’s worden in de toekomst steeds belangrijker dus wij gaan een mooie toekomst tegemoet.”
“Mijn inzet voor de verkiezingen was dat VVD en CDA niet de meerderheid zouden krijgen in de Staten en dat is niet gelukt. Maar we zullen ze om de oren slaan met onze argumenten. Ik heb gelukkig een goede, luide stem en die wordt wel gehoord.”
“We zitten hier nu in een soort interregnum want GS is nog bezig het bestuursakkoord uit te werken. We worden met egards behandeld want ze weten niet hoe groot we kunnen worden Ze zijn enorm geschrokken van onze lijst, want daar stonden nogal wat prominente mensen op, wethouders van lokale partijen die daar succesvol zijn. Het was duidelijk niet de ‘lijst Jetten’.”

“Als ik naar de landelijke samenwerking kijk, hoop ik wel dat de OSF zich beter presenteert dan de afgelopen vier jaar. Ik ben ontzettend blij dat we weer een Senator hebben, maar we moeten nu gaan groeien en daarvoor moet er wel wat veranderen. De OSF moet bestuurd worden door mensen uit partijen die in de Staten vertegenwoordigd zijn. Mijn partij gaat zich daar sterk voor maken en wij zijn ook in staat en bereid om daar goede bestuurders voor te leveren.” (HS)


Partij voor het Noorden
wordt serieus genomen


“Nu we voor de tweede keer in Provinciale Staten zijn verkozen, worden we veel meer geaccepteerd door de andere partijen”, zegt Teun Jan Zanen, fractievoorzitter van de Partij voor het Noorden in de Staten van Groningen. “Blijkbaar is nu duidelijk dat wij een politieke stroming vertegenwoordigen. Daarnaast wordt er ook beter geluisterd omdat ik niet meer als laatste aan het woord kom. Net als D66 en de Partij voor de Dieren hebben we één zetel, maar wij hadden wat meer stemmen en daarop is de sprekersvolgorde gebaseerd.”

Over vier jaar wil de PvhN in Groningen minstens drie zetels en in Friesland en Drenthe minstens één. Zanen: “Als dat niet lukt verliezen we momentum. Daarom gaan we de komende periode meer publiciteit maken, zodat we nog meer serieus genomen worden. Met persberichten en ingezonden stukken in de krant zullen we onze standpunten uitdragen.” Een voorbeeld is de tramlijn die de stad Groningen wil aanleggen, de regio zou eraan moeten meebetalen zonder dat duidelijk is of de regio er ook van profiteert. Verder wil de PvhN een ander systeem voor waterschapsverkiezingen. Bij de volgende verkiezingen gaan de traditionele partijen daar waarschijnlijk de dienst uitmaken en dat zou een slechte zaak zijn. “Kandidaten moeten niet worden gekozen op hun bekendheid of hun partijvlag, maar op hun deskundigheid en hun binding met de achterban. Daarom streven we ernaar dat de waterschappen worden gekozen volgens een districtenstelsel.”

Regionaal parlement
“Wij zijn zeker voorstander van een versterking van de samenwerking binnen de OSF”, vervolgt Zanen. “We willen samen met de andere noordelijke partijen meedoen aan de verkiezingen voor de Tweede Kamer om een regionaal parlement te kunnen invoeren. De FNP is het met ons eens dat een fractie in de Senaat niet voldoende is om de regionale belangen in Den Haag te kunnen behartigen. We hopen dat de FNP en de Drentse partijen het initiatief zullen nemen voor een congres hierover, anders doen we het zelf. Het is nodig om gezamenlijk de voor- en nadelen van deze strategie te inventariseren. We hebben begrepen van onze bondgenoten in Friesland en Drenthe dat ze daar graag over meepraten. Dat is ook logisch, regionale autonomie is een onderwerp waar iedereen binnen de OSF warm voor loopt.” (RV)



Veel respect voor de FNP, behalve bij coalitiepartners

Geen stemmenwinst maar wel veel complimenten voor de FNP bij de jongste Statenverkiezingen. Lijsttrekker Johannes Kramer verwierf bij een door Trouw georganiseerde landelijke verkiezing het predikaat “een na beste Statenlid van Nederland”. Een enquête in het Friesch Dagblad lauwerde Kramer in de campagneperiode tot het “beste Statenlid van Fryslân”. Ook een panel van de regionale omroep gaf Kramer deze kwalificatie.
Met deze eervolle vermeldingen rekende de FNP meteen af met het vaak onuitgesproken vooroordeel als zouden regionale partijen alleen maar politici van de tweede garnituur voortbrengen. Respect klonk ook uit het commentaar op de verkiezingsuitslag van het Friesch Dagblad van 8 maart: “De FNP is (…) iets waarop Fryslân trots mag zijn. Behalve hier heeft alleen in Zeeland een regionale partij meer dan een zetel behaald. In een strijd die door landelijke kwesties werd gedomineerd, wist de FNP zich aan het landelijke geweld te onttrekken. Zij haalde een tiende van de provinciale stemmen: vijf zetels. Minder dan de vorige keer maar onder het huidige gesternte een prestatie. Ook omdat de Fryske Nasionalen zich dit keer niet profileerden met een populair protestgeluid, zoals vier jaar geleden tegen de zweeftrein.”
“Beter dan het Friesch Dagblad zou ik onze gevoelens over de uitslag niet kunnen formuleren,” meldt Johannes Kramer vier maanden later. “We hebben licht verloren, maar we zijn wel the best of the rest. Op een paar honderd stemmen na zijn we de derde partij.”
Kramer en de zijnen hebben lang mee onderhandeld met PvdA (12 zetels) en CDA (12) over de nieuwe coalitie. “We zijn op het laatste moment afgeserveerd door het CDA omdat wij niet te vertrouwen zouden zijn. Ongewild zijn we tot politieke paria verklaard.”
Toch is er van rancune binnen de FNP – gelederen geen sprake. De FNP gaat “constructieve oppositie” voeren met accenten op het openbaar vervoer, het Fries eigene en op vernieuwende initiatieven, zoals bij de onlangs vastgestelde bodemdaling in Franeker.
“Tevreden” is Kramer over de OSF. “De OSF zou de externe contacten wel beter kunnen stroomlijnen, zodat ze in Den Haag meer profiel krijgt. Men kan bijvoorbeeld een publiciteitsplan van tien punten maken. Daarin kun je onder andere zetten dat je nieuwjaarsrecepties gaat houden waar de voorzitter een paar prikkelende uitspraken doet. Maar ik geloof niet dat de FNP hierin het initiatief moet nemen.” (DvN)

Ouderenpartij opereert in welwillend mediaklimaat

“Spectaculair” noemt Piet Bruijstens de stemmenwinst van zijn partij in 2007. “In 2003 hadden we nog 9800 kiezers achter ons, nu zijn het er 27.500. Procentueel stijgen we hiermee het sterkst van alle partijen. Volgens de oude verdeelsleutel zouden we zelfs drie zetels halen,” rekent de leider van de Ouderenunie Noord – Holland (OUNH) voor. “Bij een kiesdeler van 16.000 is het er nu maar één geworden. Liefst 12.400 reststemmen zijn naar de VVD gegaan en dat vanwege een kronkeling in de kieswet dat de meeste reststemmen gaan naar de partijen die de meeste zetels in de Staten hebben. Wij zullen nog eens uitzoeken of dat wel een goede regeling is.”
Behlave deze “domper” is Bruijstens “uiterst tevreden” over de uitslag. Vooral het feit dat zijn partij in geen enkele plaats onder de drie procent heeft gescoord, geeft  vertrouwen. De ouderen - voorman (71) schrijft het succes van de OUNH toe aan haar integriteit (“We maken bijna geen misslagen”) en aan de aansprekende partijformule. “We zijn niet links en niet rechts, we zijn er in het belang van iedereen en hebben hart voor senioren.”
Waarschijnlijk spelen de mediagenieke bekwaamheden van de partijleider ook mee. “De krant, radio en tv vragen mij regelmatig om mijn mening over actuele provinciezaken. Blijkbaar krijgen ze steeds iets zinnigs te horen want anders zouden ze de volgende keer niet bellen.” Na het afsluitende plenaire tv – debat voor de verkiezingen koos een panel van deskundigen Bruijstens ook als de best presenterende en argumenterende politicus. De seniorenleider moet ook een goede netwerker zijn. Half juni 2007 hebben de Samenwerkende Bonden voor Ouderen (SBO) hem gevraagd om tot een blijvende vorm van samenwerking te komen. “We beginnen met een paar gezamenlijke vergaderingen per jaar. Prachtig dat onze Ouderunie zo in beeld komt bij 185.000 SBO – leden!”
Onderwerpen waarmee de partij zich zal profileren zijn gratis openbaar vervoer, de strijd tegen de “onstuitbaar voortschrijdende” bureaucratie en de woningbouw voor ouderen. Vooral dat laatste gaat Bruijstens aan het hart. Op 25 juni jongstleden heeft hij namens zijn partij een evaluatierapport van Harkolien Meinsma aangeboden aan commissaris Borghouts: “ Vergrijzing, een uitdaging voor de woningmarkt”. “Wij hebben er jarenlang op gehamerd dat ouderen die in de lege – nest – fase zijn gekomen en kleiner willen gaan wonen, moeten constateren dat die woningen er in onze provincie niet zijn. De PvdA heeft onze noodkreet uiteindelijk opgepikt. Die woningen gaan er nu toch gedeeltelijk komen.”
Bruijstens is “zonder meer positief” over de OSF. “Eén initiatief kan men van ons zeker verwachten: wij willen uitzoeken of we samen met andere ouderenpartijen en eventueel provinciale partijen ook kandidaat kunnen zijn voor de Tweede Kamer. Zoiets moet buiten OSF – verband om, want de statuten staan dit niet toe.” (DvN)


Leefbaar Zuid-Holland zal een horzel zijn

Ronald Sørensen is nieuw in het gezelschap van onafhankelijke Statenleden, maar geen onbekende in de media. Als rechterhand van Pim Fortuyn bij Leefbaar Rotterdam en degene die de partij voortzette na Fortuyns dood, werd hij een bekende figuur. Voor de linkse partijen zelfs een besmette figuur. Sørensen: “Ik krijg soms kwalificaties, dat is verschrikkelijk. Ik ben vóór buitenlanders maar men gelooft dat niet, ik word voor xenofoob versleten. Ik heb een zwarte schoondochter en ik heb jaren op een zwarte school gewerkt. Maar een dame van Groen-Links die zegt dat ik racist ben, laat zelf haar kinderen in een andere wijk naar een witte school gaan. Een PvdA-lid waar ik laatst mee praatte, omdat ik hem goed ken uit mijn tijd bij de vakbond, werd door zijn eigen partij op het matje geroepen omdat ze gezien hadden dat hij vriendschappelijk met mij omging.”

Hoe interpreteert u de verkiezingsuitslag?

“Mijn partij is de enige die zich faliekant tegen het provinciale stelsel heeft gekeerd en wij hebben maar één zetel gehaald, dus dat leeft blijkbaar niet bij de kiezer. Evengoed is het een mooi resultaat, we hadden maar 5000 euro om campagne te voeren. Bovendien kregen we te maken met een afsplitsing (Lokaal Zuid-Holland, red.). Mensen eisen een hoge plek op de lijst, liefst plaats één. Wanneer ze die niet krijgen, dan gaan ze voor zichzelf beginnen. Het heeft ons wel 8000 stemmen gekost en een tweede zetel.”

“Ik zit nu in de Staten, ik krijg daar een vergoeding voor en dat is overheidsgeld, dus ik ga mijn werk zo goed mogelijk doen ook al vind ik dat de provincies moeten worden afgeschaft. In de eerste plaats ga ik controleren hoe het geld besteed wordt.
Verder zou ik willen dat de hele kust van Zuid-Holland een beschermd zeewaterreservaat wordt en dat er tot twaalf mijl buiten de kust van Zuid-Holland niet gevist wordt. dat is ook in het belang van de visserij. Er moet wat gebeuren op dat gebied, op het moment dat de paling een bedreigde diersoort is, moet je wat gaan doen. Ooit heb ik mijn kandidaats biologie gehaald en natuur is altijd een beetje mijn hobby geweest.
Voor het overige meet de provincie zich veel te veel taken aan. Alles wat met cultuur en jeugdzorg te maken heeft, moet gedelegeerd worden aan de gemeenten. Er bestaat geen Zuid-Hollandse cultuur. Er is wel een Dordtse of Goudse cultuur. Geef iedere gemeente zijn deel en bemoei je er verder niet mee.
Ik ga mij er sterk voor maken dat de spoorbruggen vaker gaan draaien. Toen ik vroeg naar het nut van de provincie zeiden ze tegen mij: dankzij ons draaien de bruggen. ‘Dan zijn jullie wel heel goed betaalde brugwachters,’ heb ik toen gezegd want die bruggen draaien niet. Dat is voor iedereen die vaart een ergernis. Ik ga proberen de nutteloosheid van de provincie aan te tonen aan de hand van dit geval. Als ze mij vertellen dat ze de bruggen niet vaker kunnen laten draaien, is bewezen dat de provincie overbodig is.”

Hoe is uw positie in de Staten en ten opzichte van het college?

“Het college heeft een absolute overmacht en dat betekent dat je als Statenlid duaal op moet treden en een horzel moet zijn. Politiek hang ik aan de VVD en ook wel aan het CDA. We worden heel vriendelijk behandeld in de Staten, ook door de PvdA. Dat is een opvallend verschil met de gemeenteraad in Rotterdam want daar doen ze echt of ik lucht ben.”

Wat gaan jullie doen voor de OSF?

De OSF is een ratjetoe van lokale en provinciale belangen. Ik vind dat de Friezen een  ‘eigen volk eerst’-mentaliteit aan de dag gelegd hebben met het vaststellen van de kandidatenlijst voor de Eerste Kamer. Als je een succes wilt maken van de OSF moet je mij als lijsttrekker nemen want ik ben de enige met landelijke bekendheid. Ik heb toch een redelijke politieke ervaring, maar ik wordt op plaats vier gezet. Er is door allerlei mensen gelobbyd en gekonkeld om in de Senaat te komen, maar als je als OSF je pijlen vooral op elkaar richt dan zal je nooit groeien.
Geloof me, als ze zo doorgaan zal er alleen nog succes zijn in de gemeenten.
Ik wil graag meewerken aan eenheid in de komende vier jaar maar ik ben op dit moment zeer moedeloos. Negen van de tien lokalo’s zijn afsplitsingen. Dat zijn mensen die zich niet hebben kunnen schikken. We hebben te maken met allemaal mensen die zich niet kunnen voegen in het geheel. (HS)