|
De staat van onze democratie |
| Afdrukken | |
E-mailadres |
|
Locomotie 34
|
|
zaterdag, 14 juni 2008 13:05 |
|
Door Dick van Niekerk
Het raadslid
als
ondernemer
Het raadslidmaatschap staat al enkele jaren stevig onder druk.
Onderzoeken door het CDA, de PvdA, de Christen Unie én het
blad Binnenlands Bestuur geven aan dat veel raadsleden zich
tussentijds hebben teruggetrokken of van plan zijn dat te doen. De
combinatie met hun werk en andere (zorg)activiteiten vormt het
grootste struikelblok. De Tweede Kamer spreekt in juni over hogere
vergoedingen maar die lossen het probleem maar gedeeltelijk
op, vinden redacteur Henk Bouwmans van het blad Binnenlands
Bestuur en dr. Pieter van Harberden, gemeenteraadslid en trainer
bestuurlijke vernieuwing in het lokale bestuur.“Waarom zien we het
raads- of statenlidmaatschap niet als een vorm van maatschappelijk
verantwoord ondernemen?”
|
443 kantoren
Bouwmans gelooft niet dat de werkdruk
is gegroeid door het dualisme. “Het zit
dieper. Het probleem zit ‘m in de wijze
waarop men gemeentepolitiek bedrijft.
Veel colleges produceren enorm veel
papier en deponeren dat allemaal bij de
raadsleden. Vaak komt dat voort uit een
drang naar zorgvuldigheid. Maar dikwijls
stuurt men nog wat nota’s extra mee uit
angst. Men wil geen verwijten - en crisis!
- krijgen over het feit dat het college informatie
achterhoudt.”
Raadsleden blijken heel veel tijd nodig te
hebben om die papierwinkel door te
worstelen. “Daardoor blijven ze te veel
binnen het gemeentehuis en verwaarlozen
ze andere taken, zoals de contacten
met de burgers.”
Daarnaast constateert Bouwmans dat
raadsleden hun antennes te veel uitzetten
naar details en naar individuele gevallen
van burgers. “Dat is wel begrijpelijk, maar
daardoor zie je in een raad zelden een
open gesprek over een algemener beleidsonderwerp
zoals de veiligheid op
straat. Ik vergelijk de overheid met een
groot bedrijf als de Rabobank dat overal
in het land kantoren heeft. Net zo heeft
het mega-bedrijf, de overheid, in alle 443
gemeentes een filiaal. In elk van die filialen
moet je je steeds hardop een paar kernvragen
stellen: Wat gebeurt er? Worden
de zaken hier goed aangepakt? Komt het
duale stelsel wel tot zijn recht?”
Bouwmans heeft “geen moeite” met
verhoogde honoreringen voor politici,
“maar extra geld alleen haalt de kou nog
niet uit de lucht. Hogere vergoedingen
hebben enkel zin als er efficiënter en
minder tijdrovend wordt gewerkt. Juist
daardoor blijven er in het lokale bestuur
veel belangrijke zaken onbehandeld.”
Als voorbeeld noemt hij het middel van
de gemeentelijke enquête. “Dit is een
vrij nieuw medium voor de raad. Er
wordt vrijwel nooit gebruik van gemaakt
omdat een raadsenquête met al z’n
hoorzittingen een te groot tijdsbeslag
legt op de raadsleden. Het is zonde dat
een democratisch medium om die reden
amper wordt gebruikt.”
Voorgestelde verhoging geldt
ook voor Statenleden
Als de honorering voor gemeen-teraadsleden
omhoog gaat, gaan de
salarissen van ministers automatisch
mee, evenals die van de Staten- en
Kamerleden en de waterschaps-bestuurders.
“Dit komt omdat alle salarissen
en vergoedingen van politieke
functionarissen zijn opgenomen
in een eenduidig stelsel, in één salarisgebouw,”
legt Gerard Heetman
van de Vereniging Nederlandse Gemeenten
(VNG) uit.
In juni bespreekt de Tweede Kamer
nieuwe bezoldigingsvoorstellen.
Daarin stelt de VNG voor dat het
wethouderssalaris 90% is van dat
van de burgemeester en de vergoeding
voor een raadslid 20% van het
wethoudersinkomen. In 2000 is het
kabinet al eens akkoord gegaan met
een verhoging van 10% in alle geledingen
maar opmerkelijk genoeg is
dat besluit nooit uitgevoerd. Intussen
ligt er een nieuw advies van de
commissie - Dijkstal die overal 30%
bovenop wil doen. Ook ligt er nog
een voorstel van de VNG dat voor
gemeenten onder 60.000 inwoners
gunstiger is dan “Dijkstal”. Voor fractievoorzitters
is een extra toelage
van 8% voorzien. (Zie graphic). Tevens
ligt er een voorstel om de vaste
onkostenvergoeding van raadsleden
en provinciale bestuurders 10%
van hun honorering te laten worden.
Voor meer informatie zie: www.vng.
nl. Onder “brieven” zoekt u naar de
brief van 24 oktober 2007, betreffende
het wetsvoorstel van de
Commissie - Dijkstal.
â
Bron graphic: Binnenlands Bestuur, 6 februari
2008, p 14.
|
| |
“Het onderzoek van de Christen Unie is
het meest recent en misschien wel het
meest representatief,” stelt Henk Bouwmans,
de redacteur van Binnenlands Bestuur
die de perikelen rond de raadsleden
al jaren op de voet volgt. “Mensen
die voor de CU in de raad gaan, handelen
toch vanuit een bepaalde ideële bevlogenheid
en doen dat zeker niet in de
eerste plaats om het geld. Van hen ziet
eenderde in 2010 af van een nieuwe
kandidatuur vanwege de hoge werkdruk.
Een op de tien is zelfs van plan om er
tussentijds al de brui aan te geven.”
|
De werkdruk bij de CU-fractie-voorzitters
is nog hoger dan bij gewone raadsleden.
Bijna vier op de tien besteedt gemiddeld
meer dan zestien uur per week
aan het raadswerk, terwijl van de gewone
raadsleden een kleine twintig procent
meer dan zestien uur aan het raadswerk
kwijt is. De meeste raadsleden
schrijven de toegenomen werkdruk toe
aan het dualisme dat in 2002 zijn intrede
deed. Zij hebben daardoor meer vergaderingen
en meer contact met de burgers
dan in de periode daarvoor.
|
| |
|
|
Groene zeep!
Pieter van Harberden – sinds 2002
raadslid in Goirle - vindt het “onzin” om
het duale stelsel als hoofdschuldige aan
te wijzen voor de overbelasting van
raadsleden. “De lokale politici zelf vinden
het moeilijk om te veranderen!
Daar zit het probleem. Ze gedragen zich
bijna allemaal alsof het monistische stelsel
er nog is. Tijdens de commissievergaderingen
blijft men vragen stellen aan
het college, terwijl het toch de bedoeling
is dat men vooral onderling in gesprek
komt. Men blijft reactief ten opzichte
van het college.”
“Wie bepaalt bijvoorbeeld de raadsagenda?
Het ambtelijke apparaat en het
college. Niemand stelt voor om tijdens
de raadsvergadering eens een uur uit te
trekken voor een open gesprek. Bijvoorbeeld
over het sportbeleid of
de groenvoorzieningen. liever kletst men
soms uren over onbenullige zaken. Velen
willen nog steeds meebeslissen over futiliteiten
als de kleur van de groene
zeep..! Wil een gemeenteraad
weer
leuk worden, ook
voor buitenstaanders,
dan zal men
zich intelligent
moeten beperken
in de te behandelen onderwerpen.”
Van Harberden weet waarover hij praat
want dit beeld is herkenbaar in “bijna
alle gemeentes” waar hij trainingsavonden
voor de lokale politici verzorgt. De
belasting voor de raadsleden is mede
door dit gebrekkige vergaderen onevenredig
|
onevenredig
zwaar, is ook zijn persoonlijke ervaring.
“In mijn eerste jaar als raadslid
was ik gemiddeld 27 uur per week kwijt
aan het raadswerk. Nu is dat aanzienlijk
minder, maar het lukt me toch niet om
onder de twintig uur te komen.”
De huidige beloning voor het raadswerk
is een lachertje. “Op basis van vijftien
uur in de week levert het me netto zes
euro per uur op. Als ik daarnaar kijk kan
ik beter vakken gaan vullen in de supermarkt.
Eigenlijk moet je gewoon een
beetje gek zijn om nog de lokale politiek
in te gaan!”
Een stevige “financiële en maatschappelijke
opwaardering” is volgens Van
Harberden op zijn plaats. “Maar zal een
hogere vergoeding het afhaken van
raadsleden tegengaan? En zal het de
rekrutering van raadsleden vergemakkelijken?
Zijn raadsleden bereid om hun
carrière voor vier jaar te onderbreken?
Ik betwijfel het.”
Studiepunten
Daarom wil hij het raadswerk ook maatschappelijk
beter beschermd zien.
“Waarom zou een bedrijf dat zich profileert
in de sfeer van maatschappelijk
verantwoord ondernemen, ook geen faciliteiten
geven aan iemand die de lokale
samenleving dient door vier jaar in de
gemeenteraad te gaan zitten? Geef zo
iemand bijvoorbeeld een dag verlof per
week.”
Om jongeren te trekken zou het volgens
Van Harberden
zinvol zijn als
de universiteiten
studenten voor
hun raadslidmaatschap
“belonen”
met extra studiepunten.
“Dan snijdt het mes aan twee
kanten. We trekken er jongeren mee
naar de raad en de jongeren zelf doen er
voor hun studie ook hun voordeel mee.
Ik kan me ook heel goed voorstellen dat
studenten onder de dertig die raadslid
worden, voor die taak studieverlof
krijgen!”
|
|
|
Laatst aangepast op zaterdag, 14 juni 2008 13:16 |